Onder de lamp

Een persoon, kerk of activiteit uit christelijk Amsterdam belicht.

Moses Alagbe: Missionair? Ga lekker voetballen

Geplaatst 11 jul. 2016 12:52 door De Stadslamp Amsterdam   [ 11 jul. 2016 12:54 bijgewerkt ]

Bron: ND, 11-7-2016

Heeft de kerk in Nederland nog toekomst? En is ‘protestants’ straks nog een belangrijk begrip? Voorgangers en bekende kerkleden blikken vooruit, en vertellen over wat de kerk voor hen persoonlijk betekent. Vandaag: Moses Alagbe.  Amsterdam

Waar moet je uw gemeente Maranatha Community Transformation Center plaatsen op de kerkelijke kaart?

‘Ik weet het niet precies en ik vind het niet belangrijk. Mensen van allerlei stromingen doen bij ons mee. Prachtig, toch? We hoeven niet te streven naar één instituut. Daar hangt de eenheid van het lichaam van Christus niet vanaf. De eenheid komt wel onder druk als mensen elkaar gaan bestrijden in naam van hun denominatie. Wij willen een beweging zijn. De kerk begon ook als een beweging. Maar ze werd een instituut. Met regels, een bestuur, een hiërarchie, vastgelegde vormen. Daar ging het mis. Laten we teruggaan naar het begin. Een gemeenschap van Jezusvolgelingen zijn, levend uit hetzelfde evangelie. Welke vormen je kiest, zal mij dan eerlijk gezegd een zorg zijn. Ik noem mijzelf meestal geen christen, laat staan protestants, of anglicaans (daar liggen mijn wortels), of evangelisch, of pentecostaal. Aan al die namen kleeft dat hele instituut dat mensen zo vaak als liefdeloos en onvrij hebben ervaren. Ik noem mij Jesus follower, volgeling van Jezus.’

Via Nova: een klein, kwetsbaar groepje in Amsterdam (video)

Geplaatst 6 jul. 2016 00:44 door De Stadslamp Amsterdam

RD, 23-06-2016.

Een eigen kerkgebouw heeft Via Nova niet. De samenkomsten –zondagsmorgens om elf uur– en doordeweekse activiteiten worden gehouden in het LolaLuidgebouw in Amsterdam-Slotervaart. Deze vroegere school fungeert sinds januari als „broedplaats” voor allerlei stichtingen, winkeltjes, yogaclubs, artiesten. „En sindsdien zitten wij hier ook”, zegt Gert-Jan Roest, terwijl hij via de brede trap naar binnen loopt. „Daar, rechts, de theaterzaal, is onze kerkruimte.”

Via Nova –letterlijk: nieuwe weg– is een van de zendingsgemeenten binnen de CGK. Roest is er sinds het allereerste begin bij betrokken, de laatste jaren als evangelist naar artikel 4 van de kerkorde – wat inhoudt dat hij binnen déze gemeente mag voorgaan en de sacramenten bedienen.

De wortels van Via Nova liggen in de christelijke gereformeerde kerk in Amsterdam, de huidige Amstelgemeente. Deze kleine cgk maakte in 2001, met de komst van dr. S. J. Wierda, een doorstart. „Een jaar later ben ik er begonnen”, zegt Roest. „Samen met een stagiair, Carlo de Waal –die later Stichting Present Amsterdam heeft opgericht– zijn we toen, onder meer aan de hand van interviews, gaan nadenken over het opzetten van een gemeentestichtingsproject. Dat werd Via Nova. Met Pasen 2006 konden de eerste samenkomsten worden gehouden, in de Vondelkerk in het centrum. In het begin maandelijks, later elke week.”

Dat was dus tien jaar geleden. Komende zaterdag en zondag staat Via Nova stil bij haar jubileum.

Grote woorden worden er in de uitnodigingsmail niet gebruikt. „We kijken terug en beseffen: we zijn een klein en kwetsbaar groepje. Veel hebben we Amsterdam niet te bieden. Er ging bovendien van alles mis. Toch zijn we dankbaar voor de manier waarop God ons heeft gebruikt de afgelopen 10 jaar. We mochten vertellen over Jezus. We dienden de stad. Mensen kwamen tot geloof.”

Kunt u beide kanten wat toelichten?

„Laat ik met het positieve beginnen. We zijn heel dankbaar dat er mensen met een seculiere achtergrond mochten worden gedoopt. Of dat mensen die als kind met het christelijk geloof waren opgegroeid maar dit waren kwijtgeraakt, tot vernieuwing van hun geloof kwamen.

En met een heel aantal zoekers hebben we twee à drie jaar opgetrokken. Ze vertellen ons dat dit hen enorm heeft geraakt, geïnspireerd. Dat een groot deel van deze groep de uiteindelijke overstap niet heeft gemaakt, is tegelijk ook waar. Daar liggen voor mij ook allerlei vragen.”

Zoals?

„Je blijft jezelf de vraag stellen wat de oorzaak is. We proberen steeds weer manieren te vinden die aansluiten bij mensen, willen alle mogelijke obstakels uit de weg ruimen – op dat van het kruis na. In die zin deed het me wel goed wat laatst iemand tegen me zei. We hadden zeven avonden belegd als een soort oriëntatiecursus, we doen dat één à twee keer per jaar. De vijfde avond zou het over het kruis gaan. Diegene zei toen: „Alles wat mij irriteert aan het christelijk geloof, komt in deze avond samen.” Ik dacht: Gelukkig dat we dát obstakel niet uit de weg blijken te hebben geruimd.”

Zag u de bezoekersaantallen door de jaren heen sterk schommelen?

„We groeien nog steeds. Maar inderdaad: het aantal bezoekers schommelt. We zijn inmiddels wel een gezinskerk geworden: mensen die eerst nog alleen of samen kwamen, kregen kinderen. Dat heeft ook wel weer gevolgen: zij verhuizen soms weer. Op dit moment hebben we zeventig volwassen deelnemers, oftewel leden, en dertig kinderen. Die zijn er zondags niet altijd, het gebeurt ook dat we hier met 45 volwassenen zitten. Naast de deelnemers kennen we nog de betrokkenen: zij tonen wel interesse, maar komen nog niet tot de stap om zich aan te sluiten.

Laatst hebben we gevraagd wat mensen nu van onze diensten vonden – we waren daar na tien jaar wel benieuwd naar. Een paar kernwoorden: eigentijds en toch prikkelend; er is ruimte voor twijfel maar ook een heldere lijn; en creativiteit, met muziek en verbeelding, wordt gewaardeerd. En: het geloof krijgt praktisch gestalte, onder andere in het buurtwerk.

Dat klopt, er gebeurt echt veel, samen met andere kerken in de stad. Sinds twee jaar kennen we een studentenpastor, Maarten Vogelaar, die veel doet onder studenten op de Vrije Universiteit. Hij heeft inmiddels ook ingangen in debatcentrum De Rode Hoed.”

Er ging ook van alles mis, schreef u.

„We zijn kwetsbaar. Dat is allereerst een feitelijke observatie: we zijn een kleine groep, en in financieel opzicht niet zelfvoorzienend. We bevinden ons eigenlijk nog steeds in de opbouwfase.

Maar er gingen ook zaken niet goed, en dan denk ik onder andere aan de dingen die geleid hebben tot de afzetting van Siebrand Wierda als predikant, twee jaar geleden. Hij is daar zelf heel open over, vandaar dat ik het ook noem. Siebrand is trouwens nog steeds betrokken bij Via Nova, zaterdag zal hij ook het woord voeren en terugblikken op de geschiedenis.

Zulke dingen grijpen in. Anderzijds: Via Nova had weleens het imago dat het allemaal een groot succes was. En natuurlijk, niemand hangt graag de vuile was buiten. Maar ook Via Nova wordt gevormd door ménsen, die het van genade moeten hebben.”

Op pastoraal en diaconaal terrein zult u eveneens met moeilijke dingen te maken krijgen. Weleens de moed laten zakken?

„O zeker. Ik ben zo iemand die overal diep doorheen gaat. Minstens één keer per jaar heb ik de neiging om mijn koffers te pakken: wegwezen hier. Maar het volgende moment denk je dan: Wat een prachtig werk toch. Zeker als je een pastoraal hart hebt, kríjg je hier ook veel energie.”

Roest hoopt op 6 juli aan de VU te promoveren op een dissertatie over „het Evangelie in de westerse context.” Belangrijke vraag daarin is die die de anglicaanse zendingstheoloog Lesslie Newbigin eens stelde: „Kan het Westen bekeerd worden?” Aan de hand van de theologen Hendrikus Berkhof en Colin Gunton komt Roest tot een eigen benadering: de Evangelieverkondiging dient veel meer rekening te houden met het feit dat de westerse, postchristelijke cultuur een „schaamtecultuur” aan het worden is, met haar eigen „afgoden.” „Luthers vraag: „Hoe krijg ik een genadig God?” speelt voor de seculiere mens geen enkele rol meer. In deze tijd gaat het veel meer om vragen rond macht en machteloosheid, schaamte en eer, angst en hoop. En om nieuwe spiritualiteit, yoga, mindfulness. Misschien laat de Geest vandaag daarom andere aspecten van Jezus’ werk oplichten – en moeten wij dat ook doen.”

Uw stellingname roept herinneringen op aan de bekende gedachtewisseling tussen Gereformeerde Bondsvoorzitter ds. G. Boer en prof. Berkhof, in 1956. Boer stelde dat in welke cultuurfase we ons ook bevinden, de schuldvraag dé grondvraag blijft. „Wie voor God staat, blijft alleen de schreeuw om genade over.”

„Op dit punt kan er snel miscommunicatie ontstaan. Ik ontken de diepste geestelijke realiteit van zonde en genade niet, en al zouden zoekers deze vraag niet als hun vraag hebben, dan nog weten we dat als de Geest hen leidt, ze deze noties wel leren kennen. Waar het mij om gaat, is wat contextualisatie wordt genoemd. Luthers vraag is er een die kenmerkend was voor de westerse cultuur in zíjn tijd, waarin schuldgevoelens wijd verspreid waren. De huidige tijd is een andere. Daar moet je dan ook anders mee omgaan. Toen zendelingen in Japan, ook vanuit de reformatorische traditie, er achter kwamen dat de Japanse cultuur een volstrekt andere is dan de westerse, een echte schaamtecultuur, pasten zij hun boodschap aan, en terecht.”

Wie de recente kerkgeschiedenis van Amsterdam bestudeert, komt nogal wat evangelisatieprojecten tegen. Dr. J. J. Buskes zette zich er in zijn tijd voor in; in 1972 was er de grote actie Kruistocht. Het lijkt alles tot mislukken gedoemd. Is er hoop?

„Absoluut. Maar wat bedoelen we met mislukken? Er zijn zendelingen geweest, in Afrika, in het Midden-Oosten, die amper vrucht zagen op hun werk, en een of twee generaties later kwamen er alsnog tal van mensen tot geloof. Een kleine minderheid die trouw is aan het Evangelie, die wat uitstraalt naar zijn omgeving, die laat zien wat hulpbetoon is, heeft misschien ook wel meer kracht dan een grote meerderheid die lauw is. En: kijk hoe God in andere delen van de wereld aan het werk is. Daar gebeuren ongelooflijke dingen.”

Tijdens het ”Via Novafestival”, zaterdag, blikt u ook vooruit. Hoe ziet u de toekomst van de kerk?

„Onlangs was ik bij een bijeenkomst waarop Theo Visser van ICP, International Church Plants, sprak. Volgens hem had je in de geschiedenis eerst de kerk 1.0: mensen kwamen samen in groepjes, in huiskamers. Vervolgens kwam de kerk 2.0: er kwamen kerkgebouwen, enorme kerkgebouwen. En zo langzamerhand gaan we toe naar kerk 3.0. Sommigen verwachten dat dat een soort terugkeer naar 1.0 is: de kleine groepjes, de huiskamers. Zelf denk ik dat we voorlopig ook nog wel in kerkgebouwen zullen samen­komen, op zondag. Maar dat, zeker in de steden, de kleinere groepjes een belangrijke rol gaan spelen, zie ik ook. Groepjes mensen die vanuit de navolging leven, hun maskers hebben afgedaan, dienstbaar en vrijgevig zijn. Die kunnen toch impact hebben op hun omgeving.”

Gert-Jan Roest

Gert-Jan Roest (50) is sinds het begin, rond 2002, betrokken bij Via Nova in Amsterdam. Op dit moment is hij voor 50 procent van zijn tijd voorganger van deze zendingsgemeente binnen de Christelijke Gereformeerde Kerken. Daarnaast is hij onder meer docent aan de Theologische Universiteit Kampen van de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt.

Roest groeide op in Baarn, waar hij behoorde tot de christelijke gereformeerde kerk. Woensdag 6 juli hoopt hij aan de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam te promoveren op het proefschrift ”The Gospel in the Western Context”. In de inleiding daarop schrijft hij dat onder de bediening van „een zeker predikant” –ds. R. van Beek uit Baarn– zijn ogen werden geopend „voor de schoonheid van het Evangelie en de werkelijkheid van Jezus.” Later kwam er de vraag hóé dit Evangelie te verkondigen in de huidige cultuur.

In de jaren negentig werkte hij een tijdlang voor de evangelicale zendingsorganisatie Operatie Mobilisatie in Rusland.

Roest, woonachtig in Amsterdam, is gehuwd en heeft twee kinderen.

Samuel Lee, bruggenbouwer in de Bijlmer

Geplaatst 4 apr. 2016 02:16 door De Stadslamp Amsterdam   [ 4 apr. 2016 02:17 bijgewerkt ]

ND.nl, 2-4-2016.

Samuel Lee is opgegroeid in een islamitisch land, in een seculier gezin. In een hotelkamer hoorde hij Jezus tot hem spreken en werd een felle pinksterman. Een tweede ommekeer verandert opnieuw zijn denken over het geloof. In Amsterdam-Zuidoost leidt hij een online opleiding voor voorgangers.

Samuel Lee heeft, als directeur, een eigen kantoortje, in de onderwijsinstelling die hij oprichtte in 2006. Het is de Foundation University, gevestigd in Amsterdam-Zuidoost. Door de gangen van deze vrij onbekende christelijke onderwijsinstelling lopen vandaag geen studenten. Op andere dagen ook niet, tenminste niet zo vaak. Want de studenten, zo’n tweehonderd in getal, wonen verspreid over de wereld. Ze zijn ook van alle leeftijden. Ze studeren ‘in Amsterdam’ via internet. Wie is de man achter deze ‘university’? Wat drijft hem?

Als het hard waait, klinkt er een lage, melodieuze fluittoon door zijn kantoortje. Het is de wind, die in de Bijlmer waait waarheen hij wil. Deze soundtrack past bij deze gedreven pinksterchristen. Aan de muur: getuigschriften en foto’s van moeder Teresa.

Samuel Lee laat zich kennen als een beweeglijke, luide, daadkrachtige, gastvrije man. Hij groeide op in een islamitisch land. Om veiligheidsredenen zegt hij daar verder niks over. ‘Mijn opvoeding was seculier. Ik was me al jong bewust van mezelf en de wereld om me heen. Toen ik zeven was, kreeg ik van een oosters-orthodoxe schoolvriendje een plastic kruisje. Mijn ouders keurden die vriendschap goed, en zijn geloof intrigeerde me wel.’

Op zijn vijftiende arriveert Samuel in Nederland. Over het hoe en wat kan hij zich opnieuw niet uitlaten.

Paul Visser: "God doet in Amsterdam het onmogelijke"

Geplaatst 24 mrt. 2016 04:51 door De Stadslamp Amsterdam

CIP.nl, 24-3-2016. 

"God doet in Amsterdam het onmogelijke"

"Amsterdam is onbeschaamd goddeloos. Er zijn veel mensen die er totaal niet mee zitten dat ze niks met God hebben. Ze nemen alle ruimte om te zijn wie ze zijn. Het mooie is, dat ik ook mezelf kan zijn. Ik kan gerust met iemand in het café zitten en daar bidden of Bijbellezen. En dan zie ik dat God werkt," zegt ds. Paul Visser in gesprek met Jan van den Bosch.

"God heeft mij naar Amsterdam geroepen met een belofte uit het verhaal van Gideon, een richter in Israël. Het volk van God werd door de Midianieten overlopen. Op geestelijk gebied is het in Amsterdam ook een kwestie van overleven. 'Ik kan niet tegen die overmacht op,' zei Gideon. Dat herken ik heel erg. Als mensen de Noorderkerk binnenlopen, ontroert het mij. Dan denk ik: 'God, U leeft!' God doet het onmogelijke, net als bij Gideon."


Bekijk de video:


VU komt met opleiding voor migrantenpastor

Geplaatst 25 feb. 2016 10:05 door De Stadslamp Amsterdam

Bron: ND, 25-2-2016.  Remco van Mulligen

Er komt een nieuwe academische opleiding voor toekomstige pastors en kerkleiders onder migranten.

Den Haag

Het Centrum voor Migrantenkerken en Theologie, een samenwerkingsverband van de Vrije Universiteit en migrantenkerkenkoepel Samen Kerk in Nederland (SKIN), slaan de handen ineen: in september begint een opleiding voor migrantenpastors. Peter Roelofsma, universitair docent aan de VU is een van de initiatiefnemers.
Hoe is het idee ontstaan om specifiek voor migranten een opleiding te starten?

‘Ik heb zelf een Indonesische achtergrond. Er zijn oudere migrantengroepen uit Indonesië, Suriname, de Molukken, die veel herkenning bij elkaar vinden. Ook met recenter geëmigreerde groepen uit andere landen voelen wij verwantschap. Het idee van deze opleiding kwam op, en op een gegeven moment zeiden we: we gaan het gewoon doen. Tot mijn verbazing was er binnen een paar maanden veel draagvlak voor het idee bij een groot aantal kerken die bij het SKIN zijn aangesloten.’


Een klooster in een Bijlmerflat

Geplaatst 27 aug. 2015 10:46 door De Stadslamp Amsterdam

(Bron:  ND.nl, 25-8-2015)

Theoloog Johannes van den Akker start een christelijke gemeenschap in Amsterdam-Zuidoost. ‘Ik hoop dat de mensen in de buurt ervaren dat wij het goede met hen voorhebben.’

In een flat in de Bijlmermeer heeft zich vorige week een nieuwe christelijke gemeenschap gevestigd: het Kleiklooster.

De Bijlmermeer, een woonwijk in het stadsdeel Amsterdam-Zuidoost, biedt een dynamische aanblik. Tussen woonflats met verscheidene lagen lopen mensen van diverse culturele achtergronden in een hoog tempo, zonder acht op elkaar te slaan, naar onbekende bestemmingen. Auto’s en fietsen rijden af en aan. Verkeer raast over de weg. Niet ver van de metro, die door een hooggelegen betonnen bak rijdt, spelen een paar mensen tafeltennis op een stenen tafel. Anderen tennissen op een door hoge hekken omgeven baan.
De Kleiburg, de laatste originele honingraatflat, is één grote bouwput, afgezet met hekken. Het boren, zagen en slijpen is er niet van de lucht. Bouwvakkers zijn bezig met een grondige renovatie van het laatste deel van het uit tien lagen opgetrokken flatgebouw. Twee derde van de woningen is al klaar. Op de galerij van de tweede verdieping heerst bedrijvigheid. Een paar mensen zitten buiten aan een tafeltje te praten, een vrouw loopt heen en weer om spullen uit te pakken, kinderen spelen er onverstoorbaar tussendoor. Het zijn de bewoners van het Kleiklooster, een gemeenschap van christenen die sinds een week in de flat is gevestigd.

Stille Omgang: Delen in de vreugde van het geloof

Geplaatst 17 apr. 2015 06:02 door De Stadslamp Amsterdam   [ 17 apr. 2015 06:06 bijgewerkt ]

(Bron:  Ignis webmagazine, 8-4-2015.)

Duizenden gelovigen, jong en oud, lopen ieder jaar mee in de Stille Omgang in Amsterdam. Dit jaar trok de processie ongeveer 6.500 deelnemers uit heel het land. Wat beweegt hen?

"We trekken door de mooie en minder fraaie straten van deze stad - en van ons leven"

De Stille Omgang is een jaarlijkse processie, die het Mirakel van Amsterdam uit 1345 gedenkt. Volgens de overlevering braakte een stervende man in Kalverstraat een hostie uit, die hij even daarvoor ontvangen had. De hostie werd in het vuur geworpen, maar werd ongeschonden in de as gevonden. Dit wonder trok al snel vele bedevaartgangers naar Amsterdam, totdat het protestantse bewind in de zestiende eeuw een einde maakte aan het gebruik. De volksdevotie liet zich echter niet zomaar verdrijven. Vanwege het destijds geldende processieverbod gingen katholieken de tocht vanaf de negentiende eeuw in stilte en zonder uiterlijk vertoon lopen. Toen het verbod werd opgeheven was dit gebruik zo ingeburgerd dat het gehandhaafd bleef.

Meer informatie: www.stille-omgang.nl.

In memoriam Zuster Lioba Kandelaar

Geplaatst 26 mrt. 2015 09:49 door De Stadslamp Amsterdam

zusterkandelaar
MOEDER VAN DE AMSTERDAMSE DAKLOZEN.
Geboren in de Hoef, 3-7-1917, overleden 9-3-2015.
Op 9-3-2015 is op 97 jarige leeftijd in Someren overleden zuster Lioba Kandelaar zuster Augustines van St.Monica. 
Zuster Kandelaar werd met recht de moeder van de Amsterdamse daklozen genoemd. Vanuit haar uitvalsbasis het klooster van de zusters Augustinessen in de Amsterdamse Warmoestraat stond deze moedige religieuze meer dan 25 jaar nacht klaar voor “de mannen” zoals zij haar thuisloze mannen noemde. Ze ontfermde zich over mannen die geen “thuis” hadden. Dat “thuis” waren ze door hun alcohol- of drugsverslaving, hun psychische problemen of door andere redenen verloren. Velen zwierven, anderen huisden in troosteloze pensions of bij het Leger des Heils en weer anderen sleten hun dagen eenzaam op een kamertje. 
Zuster Kandelaar probeerde deze mannen alsnog een thuis te bieden. Zij zag haar mannen dagelijks als ze tegen lunchtijd brood aan de deur van het klooster 
in de Warmoestraat kwamen halen of de vele avonden dat het koffiehuis op de Keizersstraat, later op de hoek Gelderse Kade /Koningsstraat open was van 20.00-22.00 uur.
Zuster Kandelaar zorgde daar dat haar mannen gratis koffie en thee met een broodje erbij kregen en dat ze hun verhaal kwijt konden. Het brood kreeg zuster Kandelaar van Krasnapolsky en van bevriende bakkers op het Damrak. Haar koffiehuis (dat ze meer dan 25 jaar open wist te houden) het laatst op de Gelderse kade hoek Koningsstraat huurde ze jarenlang voor een gulden per jaar van Zwarte Joop (sex koning Jopie) van Cassa Rosso. Eens per jaar toog “Kandelaartje” zoals ze in de daklozen scene genoemd werd in habijt met een gulden naar Cassa Rosso en tekende daar het huur contract voor het komende jaar. 
Maar het bleef voor zuster Kandelaar niet bij brood aan de deur, koffie in het koffiehuis of ontmoetingen op de Wallen. Als een van haar mannen in het ziekenhuis lag ging ze met shag en schoon ondergoed op bezoek. De velen die aan de drank waren geraakt probeerde ze te bemoedigen naar de A.A. te gaan en iets aan hun verslaving te doen. En haar “mannen” konden in het klooster in de Warmoestraat terecht waar zuster Kandelaar de telefoon greep om contact met familie, kinderen etc te herstellen. 
Bemachtigde één van de mannen een woninkje dan konden ze huisbezoek van “Kandelaartje” verwachten. Een van de mannen die jarenlang zwierf en een woninkje kreeg weigerde zelfs die woning te betrekken totdat zuster Kandelaar hem een kruis met een corpus Christi gegeven had!
Zuster Kandelaar volgde haar mannen ook op de laatste gang in hun leven en was vaak de enige spreekster op uitvaarten op Westgaarde of St.Barbara waar ze voorkwam dat haar “mannen” door “de soos” zonder enige ceremonie als een hond werden 'ondergestopt'. 

Zuster Kandelaar blonk uit in het “pastoraat van de aanwezigheid”. Geen bekerings drang of geleur met religieuze pamfletten hoefde je van haar te verwachten. Het ging erom de mannen een thuis te bieden. En daarvoor was het essentieel hun naam en hun verhaal te kennen en te onthouden. De mannen mochten geen nummer zijn, ze moesten een persoon zijn. En al leefden ze vaak in “kennelijke staat” op de Wallen, en waren ze in veel gevallen dakloos, dat maakte ze er niets minder op voor zuster Kandelaar. 

Zuster Kandelaar beschouw ik als mijn leermeesteres en ik en andere vrijwilligers hebben erg veel van haar geleerd. In de 13 jaar dat ik met haar in het koffiehuis voor thuisloze mannen op de Geldersekade/hoek Koningsstraat werkte ( ik begon daar op mijn 21ste nu 37 jaar geleden!) heb ik van haar geleerd hoe met mensen aan de zelfkant om te gaan en het is niet overdreven te zeggen dat mijn latere succes met het drugspastoraat (van 1990-2001 in Amsterdam ook op de Wallen) en ook hier in Z.Afrika met vluchtelingen met HIV ( al weer vanaf 2001 tot-nu 2015) voor een groot deel aan haar wijze lessen te danken is! Mooi is het om te weten dat oktober a.s. het drugspastoraat in Amsterdam haar 25 jarig bestaan viert en dat ze tgv van dit jubileum een feestelijke bedevaart naar Lourdes gaan maken met alle drugsverslaafden en daklozen die vroeger al eens mee zijn geweest naar Lourdes en nog leven. Dus zuster Kandelaars inspiratie wordt door gezet!

De nadruk van zuster Kandelaar op gastvrijheid (gratis koffie schenken), mensen welkom heten  en bij hun naam kennen, er voor hen zijn op momenten als St.Nicolaas en Kerst, hen bezoeken in het ziekenhuis en aanwezig zijn met een woord en gebed bij een uitvaart waren en zijn een ijzersterk pastoraal concept. En zuster Kandelaar maakte “school” in Amsterdam met haar aanpak. Bij alles wat zuster Kandelaar deed bleef ze nuchter en stond ze altijd met 2 benen op de grond. Ze was bij haar “mannen” zonder veroordeling of betweterij. Veel religieuze leiders zoals bischoppen zouden van haar werkwijze nog erg veel kunnen leren!

Zuster Kandelaar staat wat mij betreft op gelijke hoogte met andere zeer bijzonder pastoraal gedreven mensen als wijlen pater van Kilsdonk en wijlen majoor Boshardt. Ik hoop dan ook dat haar overlijden niet onopgemerkt voorbij gaat want ze heeft enorm veel betekend voor talloze daklozen als Gerard Leth, dhr. Kasteleijn, slappe Jan, dhr.Perotti, dhr. Geiger, dhr. Berkhout, Lolle Flobbe, Simon Hendriks, zwarte Peter, Evert Prak, Theo Sunnotel, dhr. van Lunteren, Theo Suikerbuyk, de Feijs, Fred Clobus, Rinus Bos en ga zo maar door. Bijna al deze heren, hoewel de meeste veel jonger dan zuster Kandelaar waren, heeft zij overleefd. 

De Sinterklaas avonden in het klooster op de Warmoestraat waren onvergetelijk. De mannen voerden daar al zingend de boventoon En de zusters zorgden dat ze allemaal hun natje en hun droogje en een kado kregen.Ook de jaarlijkse uitjes voor de daklozen naar een klooster b.v. Egmond waar na de Mis de “mannen” van Kandelaar een voetbal match tegen de monniken speelden (overigens die traditie wordt ook nog steeds voortgezet door het drugspastoraat) waren ook steeds een schot in de roos.

Zuster Kandelaar was er een uit 1000 en zou zeker een vrouw naar het hart van Paus Franciscus zijn geweest. Zij zorgde ervoor dat de kerk zichtbaar was op de hoeken van de straten, tot in Casa Rosso toe. En iedereen die ze ontmoette ontving een vriendelijk woord, een wijze raad of een vermaning. Zij kende maar al te goed “de geur van haar schapen”. Bij dit alles werd zuster Kandelaar gesteund door een down to earth vroomheid en een geweldige humor. En dat maakte dat ze tot ver in haar leven (tot haar 85 ste) haar mannen vanuit het klooster in de Warmoestraat een steun en een toeverlaat was.

Ik was naakt en gij hebt mij gekleed, ik was hongerig en gij hebt mij gevoed, ik was ziek en gij hebt mij bezocht, ik zat in de gevangenis en gij hebt mij bezocht. Ze heeft het allemaal haar leven lang gedaan. Als alle zogenaamde christenen ook maar een klein deel van haar naastenliefde zouden ten toon spreiden dan zag de kerk en de wereld er anders uit!

Zuster Kandelaar is als Augustines van St.Monica de laatste der Monikanen van dit sterke

geslacht nonnen van de Warmoestraat. Alleen al tussen September 2014 en maart 2015 stierven 8 van deze zusters Augustinessen, de meesten tegen de 100 jaar oud. Er zijn nog 59 Augustinessen, de meesten bejaard. Maar er zijn nieuwe groepen als Casella in Hilversum, Sant Egidio aan het Waterloo plein, Don Bosco-Jonathan in Amsterdam-Zuid, de Volksbond, het oecumenische drugspastoraat en talloze andere groepen die verder gaan met de missie waar zuster Kandelaar in uitblonk. Het zal voor hen alleen nog een hele toer zijn het gigantenwerk van “Kandelaartje” te evenaren!

Ik wens alle medezusters van zuster Kandelaar een mooi afscheid van zuster Lioba op vrijdag 13-3-2015 op het kloosterkerkhof in Hilversum en zuster Lioba Kandelaar wens ik vrede en rust die zij zo verlangde en verdiende bij haar Verlosser!

hartelijke groet uit Johannesburg, Ricus Dullaert een van haar leerlingen.

.

Afscheid Peter en Connie Smits: een gezegende zoektocht

Geplaatst 24 okt. 2014 04:16 door De Stadslamp Amsterdam

fam Smits(Bron: Tijding, oktober 2014)

‘Wat hebben we anders gedaan dan onze bewogenheid met medemensen en onze gastvrijheid uit te leven? We hebben gehandeld met de gaven die we van de Geest hebben ontvangen.’ Een typerend antwoord, als je Peter Smits vraagt naar de 18 jaar waarin hij samen met zijn vrouw Conny missionair werk deed in Amsterdam. Niet te veel ophef graag; er is al zoveel ketelmuziek rond ‘gemeentestichting’. Een verhaal over een gezegende zoektocht.

We spreken elkaar na een paar hectische dagen. Afgelopen woensdag rondde hij zijn theologische studie af, zaterdag was er een afscheidsbijeenkomst met tal van gemeenteleden, familie, vrienden en relaties. En gisteren de dankdienst in een uitpuilend ‘Hebron’, het wijkgebouw dat zoveel jaar de werkplek was van Peter en Conny.

Op tafel ligt een zilverkleurig boek met foto’s en teksten van alle gemeenteleden van ‘Hebron’. “Ik ben dankbaar dat ik me al die jaren door jullie heb kunnen laten inspireren”, schrijft iemand. Een ander: ‘In Hebron ontdekte ik keer op keer: onze God leeft!” Een collega: “Jullie hebben ons zeker geïnspireerd om in Amsterdam te willen blijven.” Bladerend door het boek zie je rasechte Amsterdammers naast mensen uit alle windstreken. In de afscheidsdienst zei Peter dat Hebron iets heeft van een ‘huis van gebed voor alle volken’. Citaat: ‘In de afgelopen jaren hebben we dat in Hebron wáár zien worden. En op deze dag van afscheid besef ik eens te meer, dat God aan het woord is als Hij zegt: Mijn huis. In Hebron was tientallen jaren geleden de deur dicht gedaan omdat het erop leek dat de kerk in de Spaarndammerbuurt zijn tijd wel had gehad. Het leek over en uit. Maar God heeft laten zien: dit is Mijn huis. Hij heeft het zelf als het ware opnieuw opgebouwd, en we herkennen er vandaag inderdaad een huis van gebed voor alle volken in! Indonesië, Irak, Libanon, Egypte, Uganda, Ghana, Marokko, Suriname, Colombia, Ecuador, Peru, Chili, Curacao, Nederland, Duitsland, Hongarije... ‘

Na afloop zei een Colombiaanse vrouw: ‘Jullie (Peter en Conny) zijn niet, zoals andere Nederlanders nieuwsgierig naar andere culturen, jullie hebben liefde voor die culturen.’

Verwondering
Achttien jaar geleden kwamen Peter en Conny met hun vier kleine kinderen naar Amsterdam. ‘Ik was nog groen’, grapt hij, ‘ook al omdat ik aan de landbouwhogeschool had gestudeerd en zeven jaar had gewerkt als docent plantenteelt.’ Zonder de vereiste opleiding, met veel liefde en gedrevenheid stortte hij zich op het werk. ‘Het evangelisatiewerk vond als het ware meer in ‘verdunde’ vorm plaats, omdat het werkterrein van de Noorderkerkgemeente zowel de Jordaan als de Spaarndammerbuurt omvatte. De ontmoeting met multicultureel, multireligieus Amsterdam verliep in de eerste jaren vooral via onze directe woonomgeving in de Bijlmer. Na vijf jaar kregen we de kans om boven ‘Hebron’ te gaan wonen. Daarmee werd een belangrijke wissel omgezet: vanaf dat moment vielen ons werk en leven veel meer samen. Een echtpaar uit de Noorderkerk dat ons in al die jaren heeft bezig gezien, schreef ons ter gelegenheid van het afscheid: “Jullie waren mensen die op het juiste moment op de juiste plaats waren.” Zelf kijken we er in verwondering op terug: God heeft in alle dingen voorzien. Toen we met zes kinderen - waarvan de oudsten in de tienerleeftijd - uit onze woning dreigden te groeien, kwam de bovengelegen woonverdieping vrij. God voorzag ook in medewerkers, talentvolle vrijwilligers die zich aandienden en bij het missionaire werk in Hebron betrokken raakten.’

In de loop van de jaren tekende zich de ontwikkeling af die was beoogd en waar op was gehoopt: het aandeel vrijwilligers uit de ‘moedergemeente’ (de Noorderkerk) daalde, ten gunste van het aandeel leden van de Hebrongemeenschap. ‘Het zegt ook iets over het vertrouwen dat de kerkenraad van de Noorderkerk ons gaf. Ze durfden de gemeenschap die onder haar vleugels was ontstaan uit handen te geven, om haar een eigen weg te laten gaan.’

Gemeentevorming
‘Hebron’ was een vorm van ‘gemeentestichting’ avant la lettre. Nog voordat de hausse aan ‘church plants’ ontstond, in 2001, zette Peter eerste aarzelende aanzetten op papier. ‘Mijn voorganger, Ad Verwijs, mocht dan naar Colombia zijn gegaan om daar ambtsdragers toe te rusten bij gemeentevorming – voor ons was het in de Nederlandse context allemaal nieuw. We hebben het ontstaan van ‘Hebron’ ervaren als een geschenk. De behoefte aan gemeenschap ontstond in de praktijk, via het kinderwerk en de openmaaltijden. We spraken over Hebron als ‘gemeentevormingsproject’. In IZB-kring kreeg deze term ook de voorkeur boven ‘gemeentestichting’ omdat hij meer honoreert wat God in de voorafgaande periode voorbereidde.

We hebben ruim de tijd genomen om met een kerngroep te bidden en na te denken over de koers die we moesten volgen in de context van deze buurt. Pas na drie en een half jaar schreven we voor het eerst een ‘gemeentezondag’ uit. Het ging over ‘levende stenen’; kinderen hadden grote stenen nagemaakt en die bij elkaar gelegd. We enquêteerden gemeenteleden: ‘Wat zou jij kunnen bijdragen aan de gemeenschap?’ In het begin waren het vooral kleine taken die verschillende mensen oppakten. Maar door de jaren heen hebben we ook de ontwikkeling gezien dat mensen uit de multiculturele Hebrongemeenschap meer en meer verantwoordelijkheid zijn gaan dragen. Een mooi markeringspunt, drie jaar geleden, was de vorming van een missionair team met mensen uit de wijk.’

De eerste doop- en belijdenisdienst, in april 2008, de eerste avondmaalsviering, een jaar later, waren volgende hoogtepunten in de geschiedenis van Hebron. ‘Het waren ook momenten die het verlangen in me wakker riepen om de theologiestudie af te ronden.’

Gebutsten
Anno 2014 komen er ca. 40 bezoekers in de wekelijkse diensten; velen van hen hebben het financieel niet breed. ‘Voor sommigen is het dagelijks leven vooral een kwestie van ‘overleven’. Met kwalificaties als ‘onderkant van de samenleving’ heb ik niet veel. Ik ben vaak onder de indruk van de veerkracht van mensen. Als je als alleenstaande moeder de kost moet verdienen en zorg moet dragen voor de opvoeding van een paar kinderen – ga er maar aan staan.

Het is waar dat de Hebrongemeenschap meer aantrekkingskracht heeft gehad op mensen die gebutst zijn door het leven, dan op yuppen, die ook in de wijk wonen. Hoewel... bij een kerstspeurtocht die we in de wijk organiseerden, werden op een heel natuurlijke manier contacten gelegd met álle sociale lagen. Conny heeft ook via haar werk als gastouder de nodige contacten met tweeverdieners gehad. Ik ben altijd onder de indruk van het feit dat Jezus contact had met alle lagen van de bevolking. Als gemeente heb je al gauw een bepaald profiel, waardoor je niet voor iedereen toegankelijk blijft. Aan de andere kant, wij heten een gemeenschap te zijn voor ‘niet vele armen’. Daar ben ik ook best trots op. Want God heeft volgens de Bijbel onmiskenbaar een voorkeur voor het zwakke en onaanzienlijke.’

Bandenplakker
Gastvrijheid heeft altijd hoog in het vaandel gestaan van het missionaire echtpaar. Veel vrouwen met verschillende achtergronden en levensovertuigingen vonden een gastvrij onthaal bij de koffie-ochtenden die Conny organiseerde. Voor sommigen betekende deze ontmoetingsplaats echt een eerste stap uit hun isolement. Heel wat vrouwen hebben zo ook de weg naar de kerk gevonden. Wat het geheim van Hebron is? ‘De liefde van Jezus is hier aanwezig’, zei een welzijnswerker onlangs. Peter: ‘Van december tot half mei hebben hier zes vluchtelingen in Hebron gewoond, ook mijn werkkamer was bezet. Uiteindelijk moesten we de pijnlijke beslissing nemen dat het niet langer kon. Ze waren nog niet vertrokken of er diende zich een gezinnetje aan, dat uit huis was geplaatst…’
In de afscheidsdienst werd gememoreerd dat Peter dan wel geen tentenmaker, maar toch wel een goeie bandenplakker was. ‘Wat wil je? Als je geen vader hebt, wat moet je dan? Naar Peter in Hebron…’

Inspiratie
Terwijl hij op de laptop nog wat foto’s selecteert voor Tijding, passeert een rapportage van een predikante die hem tijdens zijn theologische studie begeleidde: ‘De krachtige inspiratie van het orthodoxe geloof is bij alles bepalend voor Peter. Daar mag hij op den duur vrijer en liefdevoller mee omgaan, wetend dat God de orthodoxe geloofsleer niet heeft bedacht, maar dat Zijn genade genoeg is als bodem onder een fiere protestantse geloofshouding!’ Een mooie karakterisering, die zeker ook van pas komt in de nieuwe werkkring – God weet waar.


"Missionair werk in de Jordaan is niet echt een succes"

Geplaatst 18 okt. 2014 13:03 door De Stadslamp Amsterdam

Ds Visser
(Bron: ND, 30-9-2014)

‘Mensen staan niet in de rij voor doop’

AMSTERDAM - Missionair predikant Paul Visser schrijft dat het missionaire werk in de Jordaan niet echt een succes is. Visser roept op elkaar niet op te jutten en af te troeven, maar eerlijk in gesprek te gaan over 'een moeizaam proces'.

Het missionaire werk in de Jordaan is niet om over naar huis te schrijven, schrijft predikant Paul Visser van de Noorderkerk in Amsterdam op de website van de kerk. Hoewel hij veel reden heeft om dankbaar te zijn, wil hij ook de andere kant van het verhaal vertellen.

Waarom is het missionaire werk in de Jordaan geen succes?
'Ik schrijf dat om mensen te prikkelen. Ik wil het eerlijke verhaal vertellen. Als het gaat om echte ommekeer, om overgave aan God, dan houden mensen de boot vaak af. Natuurlijk kan ik vertellen over de vele contacten die we hebben opgedaan via het kinderwerk, persoonlijke ontmoetingen of de zoekerscursus, of over het toenemende kerkbezoek. Soms kan ik het allemaal amper bijbenen en dan denk ik: dit gaat goed! Maar er rijst ook een ander beeld op. Over hoe kwetsbaar het is, dat je een lange adem nodig hebt en hoe makkelijk je contacten ook weer kwijtraakt.'

Hoe meet u succes?
'Je zou succes kunnen afmeten aan groei. Als je kijkt naar de investering die je doet, is missionair werk niet altijd een succes. Twaalf mensen zijn hier gedoopt en daar ben ik dankbaar voor. Tegelijk zijn het er ook 'maar' twaalf. Natuurlijk ben je blij met groei, maar je hebt ook met een weerbarstige werkelijkheid te maken. Mensen staan niet in de rij om zich te laten dopen.'

Hoe zijn die twee verschillende kanten voor u?
'Hierdoor kom ik midden in het evangelie terecht. In de Bijbel staan meer van dit soort verhalen dan grote succesverhalen.

1-10 of 97