Onder de lamp‎ > ‎

IJburg: Predikant zonder kerk

Geplaatst 4 okt. 2010 02:59 door De Stadslamp Amsterdam   [ 4 okt. 2010 03:01 bijgewerkt ]

Ds. R. Visser

RD, 01-10-2010. Er was al een dokter, een kapper en een fietsenmaker. Sinds deze week heeft de jongste Amsterdamse nieuwbouwwijk, IJburg, ook een predikant. Alleen, de dominee heeft nog geen kerk en geen kerkenraad.

Ds. Rob Visser heeft zondag intrede gedaan op IJburg. Inmiddels ontmoette hij de eerste IJburgers al. „Ze zeggen hier al gauw: Dominee, we vinden het wel goed hoor dat u hier bent, maar ik denk niet dat u ons kunt bekeren.”

Op IJburg, een woonwijk in aanbouw in het oosten van Amsterdam, wonen intussen 15.000 mensen. Maar er is geen kerk. Er is ook niemand die daar een kerk mist. Maar de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) vond dat niet kunnen en startte het project ”Kerk op IJburg”. IJburg is de eerste van zes experimentele pioniersplekken die door de PKN worden gesteund (zie kader boven). Als missionair predikant is ds. R. Visser (58) in dienst van de protestantse kerk van Amsterdam.

Kenmerkend voor de in het IJmeer gelegen wijk zijn de rechte straten en de vierkante bebouwing. Overal asfalt en beton, huizen­blokken en voor­deuren, deur na deur, onafzienbaar.

Aan het Pelsterpark (een gazonnetje en een voetbalplek voor de jeugd, Cruyff Court genaamd) staat een kolossaal gebouw met de naam Blok 18. In Blok 18 is een ruimte gereserveerd voor ds. Visser. Dat moet zijn kerkje worden. „Hier gaat het straks beginnen. Dit zal het kerkgebouw worden waar IJburgers elkaar én God kunnen ontmoeten, door activiteiten, gesprekken en bijzondere momenten. We hebben alleen nog geen huisnummer, dat geeft wel een hoop gedoe.”

Het is nog een lelijke kale ruimte met muren, vloer en plafond van beton. Met een aanstekelijk enthousiasme wijst ds. Visser in het rond: hier komen de stoelen te staan, daar het liturgisch centrum, het keukentje, de bar, de vergaderruimte, de speelplek voor de kinderen, een stilteplek, de ontmoetingsruime. „Mocht er iemand naar het toilet willen, dan mag dat bij de sporthal hiernaast.” Zingen doen ze straks bij een piano. „Ik heb alleen nog geen pianist.”

Buiten trekt een schoolklas voorbij: wellicht potentiële kerkgangers. „IJburg loopt het gevaar een slaapstad te worden, een spookstad, waar mensen overdag allemaal werken, en ’s nachts 
allemaal slapen. Hier wonen alleen maar tweeverdieners, yuppen, want iemand kan met één salaris het hoofd niet boven water houden. Niet voor niets moeten hier 29 kinderdagverblijven komen.”

Ds. Visser komt uit Apeldoorn. De Loolaankerk was achttien jaar zijn kerk. Vanuit zijn pastorie
zag hij de eekhoorntjes heen en weer springen. In IJburg ziet hij niet anders dan auto’s, gebouwen en de snelweg vlakbij. „In Apeldoorn hadden we kippen in de achtertuin. Dat is allemaal weg.”

Wat voert een dominee van de Veluwe naar een buitenwijk van Amsterdam?

„Veel mensen begrijpen niet dat we deze stap gezet hebben, maar wij, mijn vrouw en ik, wilden toch graag nog een keer naar het westen, naar een pioniersplek. Dat is IJburg geworden.”

Wat ds. Visser moet gaan doen, is hem wel duidelijk. „Ik hoop iets moois te creëren, waardoor anderen de rijkdom van de christelijke traditie kunnen ontdekken en daaraan zingeving voor de rest van hun leven kunnen ontlenen. Om het klassiek te zeggen: Wij hebben een woord voor de wereld. Wat mij boeit, is om in woord en daad het verhaal van vrijheid en geluk door te geven.”

Met permissie: zo kan een humanist het ook verwoorden.

„Nee, nee. De Bijbel is mijn inspiratiebron, daar ligt mijn startpunt. Juist het geloof voegt iets aan het leven toe. Het valt te vrezen dat hier veel nood is, dat er veel eenzame mensen wonen, de een is gescheiden, een ander moederziel alleen. Deze mensen moeten weer iets van troost en houvast gaan ervaren. Ik wil graag bijdragen aan het cement in onze samen­leving. De samenleving splijt. Het is een ontbindende tijd, een tijd die mensen van elkaar vervreemdt. Het geloof, de Bijbel, de kerk, die kunnen helpen om deze gespleten samenleving weer tot één gemeenschap te maken.”

IJburg zit vol met onkerkse mensen, allemaal mensen die in geen jaren een predikant hebben gezien.

„En toch spreek ik hier mensen die zeggen: „Visser, we weten niets over een kerk, maar we hebben er ook niets op tegen dat u een kerk begint. We geloven best dat er meer is tussen hemel en aarde dan alleen datgene wat we kunnen zien.” Met zulke mensen wil ik graag het leven delen, hun verdriet, hun ongeloof, hun pijn misschien. Want God wil dat wij ons verdiepen in wat mensen beweegt, om van daaruit te zoeken naar iets wat hun leven verrijkt. Mijn devies is: „Doe ons in de oogst geloven.” Hoewel ik nog niet zo goed weet of er op IJburg wel iets te oogsten valt.”

Ds. Visser is landelijk bekend geworden als de predikant die op 30 april 2009 de deuren van zijn Loolaankerk in Apeldoorn openzette voor ieder die troost en houvast zocht na het drama bij de Naald. „Die ene Koninginnedag heeft mijn leven ontzettend op z’n kop gezet. Toen werd het leven blijvend anders. Ik rolde van het een in het ander.”

In Apeldoorn was er sprake van een trouwe kerkelijke gemeente met duizenden leden en een groot potentieel aan medewerkers. „Op IJburg moet ik helemaal opnieuw beginnen. Hier begint alles nog maar net. Er is zelfs niet zoiets 
als een evangelisatie. Ik voel me een beetje een zendeling die de basis waarop hij zelf terugvalt met anderen wil gaan delen. Het is mijn missie om in deze wijk een wervende, vernieuwende en zichtbare kerk te stichten. Drie jaar heb ik de tijd om er iets van te maken.

Een Amsterdamse krant schreef een artikel met als kop: ”Dominee van IJburg is er ook voor de heidenen”. Zo heb ik het zelf natuurlijk nooit gezegd, maar de boodschap is wel duidelijk. Ik moet heel ordinair de boer op, om mensen op te roepen om naar de kerk te komen.”

Uitkijkend op lege lange straten met allemaal huizenblokken van beton: „Geen mens die op mij zit te wachten. Ik vraag me op IJburg wel eens af: Waarom geloven al deze mensen nu niet?”


”Kerk op IJburg” is de eerste van zes „pioniersplekken” die de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) bezig is te creëren. Ze beoogt hiermee de kerk weer meer zichtbaar te maken in de samenleving, juist op plaatsen waar geen kerk (meer) is.

Zoals het er nu uitziet, gaat eind dit jaar in Nieuw-Vennep de tweede pioniersplek van start. „We zijn op dit moment bezig met de werving van een predikant voor deze locatie”, zegt ds. Pieter Versloot van de afdeling missionair werk en kerkgroei van de PKN.

De zes pioniersplekken zullen de breedte van 
de Protestantse Kerk gaan weerspiegelen, aldus 
ds. Versloot. „Het project in IJburg, met ds. Rob Visser, heeft een middenorthodox, meer vrijzinnig profiel. Dat in Nieuw-Vennep, dat uit zal gaan van de hervormde gemeente, zal een evangelisch-confessioneel karakter dragen.”

Ook in Rotterdam-Zuid wordt een pioniersplek gerealiseerd. „Hier denken we aan een multiculturele gemeente, die zich vooral richt op ”young professionals”. Voorbeeld is hierbij de Redeemerkerk van ds. Tim Keller in New York, die een orthodoxe theologie voorstaat, maar met moderne vormen werkt.”

De vierde pioniersplek staat nog in de steigers, aldus ds. Versloot. „We denken aan een project waarbij we met name gebruikmaken van de mogelijkheden die internet biedt. Om zo de leeftijdsgroep tussen de 15 en de 25 jaar te bereiken. Internet wordt wel het zevende werelddeel genoemd. Meer dan 5 miljoen Nederlanders hebben een account bij Hyves. Jongeren vervangen op scholen hun rook­pauzes door socialemediapauzes: even facebooken op je smartphone. Maar, dit project vergt nog wel enige doordenking.”

Ook elders in het land wordt momenteel geëxperimenteerd met nieuwe vormen van kerk-zijn. „We hebben contact met zo’n tien, vijftien gemeenten.” Zo lanceert de protestantse gemeente in Breda op 
31 oktober een eigen „pioniersplek” op internet, noorderlichtbreda.nl, en tweewekelijkse Noorder­lichtvieringen in de lutherse kerk. „Een ander voorbeeld is de internationale Alpha-cursus in Gouda, die na een enorme groei zondagse bijeenkomsten houdt.” Ds. Versloot: „Zo’n project loopt dan, en wij komen even langszij om het mogelijk nog verder te faciliteren. Terwijl bij IJburg wij het initiatief hebben genomen, samen met de protestantse kerk in Amsterdam.”

Over de laatste twee projecten is nog niets bekend. „Waarschijnlijk komt daar in de loop van volgend jaar meer duidelijkheid over. We streven ernaar twee projecten per jaar op te starten. IJburg was het eerste, Nieuw-Vennep als het goed is het tweede.”

De Protestantse Kerk heeft voor projecten als deze welbewust geld vrijgemaakt, zegt de missionair predikant, en ook plaatselijke gemeenten dragen bij. „Waarbij we ons wel steeds afvragen hoe een en ander goedkoper kan. Is overal bijvoorbeeld een fulltimepredikant nodig, à 80.000 euro per jaar, en een mooi kerkgebouw? Misschien zitten we daar soms te vast aan. Maar ook hierover denken we goed na.”

Comments